We reden langs de Tarn en kwamen bij het plaatsje Quézac. De eerste letter is dus echt een Q hoor, en geen O. Het is belangrijk dat je het goed leest, anders staat er Ouezac, en zouden sommige mensen zich niet welkom kunnen voelen. Kleine dingen doen er toe, kunnen veel veranderen. Hier gaat het dus om een klein streepje.

In het jaar 1050 is hier, volgens de bewoners dan, een wonder gebeurt. Men ontdekte een mysterieus Mariabeeld. Waardoor het beeld mysterieus was weet ik ook niet, maar het zorgde voor een hoop bedevaartgangers en dus ook voor geld in het laatje. Paus Urbanus de vijfde wilde het de pelgrims wat gemakkelijker maken en liet een mooie brug bouwen, die nu nog steeds gebruikt wordt. Henk gaf de brug onmiddellijk de lieflijke naam Pont de Pope.
Henk geeft wel meer mooie namen, zoals aan de man bij ons op de markt die altijd religieuze pamfletjes uitdeelt. Soms heeft die man ook nog een klein kraampje, een soort Bijbelkiosk. Henk noemt hem de Hallelujaboer. Haha, ik weet nu zeker, dat ieder die dit leest en op de markt de man ziet hem in zijn hart de Hallelujaboer zal noemen. Maar wel met respect hoor! De man doet zijn best en staat voor waar hij in gelooft.
Daarna naar gingen we naar Castelbouc. We lijken wel Japanners, auto in, auto uit. Maar dat valt wel mee hoor. De dorpjes liggen dicht bij elkaar en we nemen de tijd om er gezellig door te wandelen. Castelbouc heeft een geschiedenis waar de Hallelujaboer van zal gruwen. In het verre verleden waren alle mannen op oorlogstocht behalve de kasteelheer. Hij vond het zielig voor de vrouwen en meisjes die nu alleen waren en de liefde van de mannelijke bevolking moesten missen.
Behulpzaam als hij was besloot de kasteelheer de vrouwen en meisjes te troosten en hen allen veelvuldig te minnekozen. Je zou kunnen denken dat de man dus een druk, maar prettig leven had in die tijd. Dat had hij ook, maar hij ging zo ver in zijn hulp dat het zijn lichamelijke krachten te boven ging en hij stierf aan een overbelast hart.
Toen hij stierf veranderde hij in een grote bok. Ik weet niet of het verhaal op waarheid berust, maar ik heb eens goed rondgekeken en kon geen jong blaadje meer vinden. Nou was het al september, maar toch…

Het dorp ligt op een smal stuk bij de Tarn. Het ligt als het ware tegen de rotsen aangeplakt. In het Kasteel woonden ná de liefdevolle Bok, roofridders die hoge tol eisten aan voorbijgangers.
In 1588 is het kasteel vernietigd om de bewoners te verjagen en vrije doorgang te waarborgen. Alleen de ruïne is nog te zien. Maar het heeft wel geholpen, wij hoefden niets te betalen. Maar van nauwe doorgangen houden ze nog steeds. Je moet je auto parkeren want binnen komen per auto kan niet. Hele gezette mensen hebben er volgens mij al moeite mee. Je ziet dat rots en huis samen spannen om je buiten te houden.
Toegang tot Castelbouc
Het dorp zelf is klein zoals de foto toont, maar wel heel leuk. We zouden er best willen wonen ondanks de bok die daar eventueel rondspookt. Ze hebben er een heuse wijnpers en een stenen broodoven. Toen we dit alles hadden gezien zijn we een stil plekje aan het water gaan zoeken. We hebben daar gegeten en een poosje zitten lezen. Want boeken hebben we altijd bij ons.

HET DORPJE MET HET KLEINSTE KERKJE
Saint Chély du Tarn is een klein dorp en je moet door een tunneltje en over een brug om er te komen. En zo moet je er ook weer uit, want verder dan het dorpje kun je niet. Aan de rots in het water was een heel groot bijennest met honderden bijen. Ze genoten nog van de late zomerzon. Je kon de honing er haast uit zien druipen, maar niemand kon erbij want het nest was veel te hoog. Slimme bijen. Het is ten slotte hun wintervoorraad.
.jpg)
Sierra wilde natuurlijk eerst een poosje in het water spelen en er lagen steentjes genoeg om mee te gooien. Sierra gaat ook geduldig mee naar dingen die wij willen zien dus wij moeten ook aan haar denken. Toen ze eindelijk uitgespeeld was gingen wij verder het dorpje in.
Wij waren er al eerder geweest, maar het blijft mooi. Overal door het dorpje stroomt water. Soms onder de huizen door en alles eindigt natuurlijk in de Tarn.

Als je door een klein zijstraatje gaat en je loopt een eindje door kom je bij een piep klein kerkje. Kerken hebben altijd onze aandacht en zo’n kleintje wil dat ook, dus gingen we even kijken.


Terwijl ik dit stukje schreef, moest ik denken aan een mooi gedicht. Ik weet niet wie het geschreven heeft, maar ik wil het met jullie delen en hoop dat jullie het ook mooi zullen vinden.
Als ik je vraag naar mij te luisteren,
en jij begint mij adviezen te geven,
dan doe je niet wat ik je vraag.
Als ik je vraag naar mij te luisteren,
en jij begint mij te vertellen,
waarom ik iets niet zo moet voelen als ik voel,
dan neem je mijn gevoelens niet serieus.
Als ik je vraag naar mij te luisteren,
en jij denkt dat jij iets moet doen
om mijn problemen op te lossen,
dan laat je me in de steek,
hoe vreemd dat ook mag lijken
Misschien is dat de reden
waarom voor sommige mensen bidden werkt.
Omdat God niets terug zegt en Hij geen adviezen
geeft of probeert om de dingen voor je te regelen.
Hij luistert alleen maar en vertrouwt erop
dat je er zelf wel uitkomt.
Dus alsjeblieft,
luister alleen maar naar me
en probeer me te begrijpen.
En als jij wilt praten,
wacht dan even en ik beloof je,
dat ik op mijn beurt naar jou zal luisteren.
