Vanuit Yport gingen we richting Normandië en hielden stop bij het plaatsje Honfleur. Het is een pittoresk stadje met een haven waar allemaal vissersboten en jachten lagen. Mooie jachten maar ook gevallen waar een verstandig mens niet meer mee het water op zou gaan. De huizen om de haven geven een beetje een Anton Pieck idee. Door een poort kun je de oude stad bezoeken.
Er is een enorme camperplaats waar je met muntgeld moest betalen. Water halen en vuil lozen kon goed en er was ook elektriciteit. Maar wat een grote plek! Honderden campers konden er staan en… stonden er ook. We keken onze ogen uit naar dat heen en weer gerij en het manoeuvreren. Het moet gezegd, camperrijders zijn soms echte kunstenaars hoe ze op de kleinste plekjes kunnen komen.
Er waren "gewone" campers, maar ook enorm grote, soms wel met drie paar wielen! Eén zo’n enorme camper kwam naast ons ouwetje staan. Een reusachtig geval en daarachter een aanhanger waar een personen auto op stond. Er vertrokken campers en er kwamen nieuwe binnen. Sommigen mensen waren nog wat aan het schoonmaken en anderen zaten rustig op stoeltjes in de zon. Er viel veel te zien en anderen keken ook naar ons. Tussen al die vrij nieuwe campers viel ons "beestje" van 25 jaar natuurlijk wel op. Maar… denken wij dan: Hij is wel betaald en geen belasting meer en we komen overal waar de nieuwe ook kunnen komen. En verder zit alles er op en eraan.
We besloten om Normandië eens in te gaan. We waren jaren geleden al eens bij Utah Beach geweest, waar we een paar mooie schelpen vonden en op een fijne camping verbleven. Maar nu wilden we wat meer over de geschiedenis zien hoe de geallieerden in de tweede wereldoorlog europa via Normandië heroverden en bevrijdden en zo ook onze vrijheid uiteindelijk mogelijk maakten.
We kwamen in kleine dorpjes waar je op bordjes langs het strand stukjes over de heldenmoed van de soldaten kon lezen en soms waren er ook foto’s bij. Ach, wat waren het vaak nog jonge jongens!! Ze kwamen aan land, maar tegen welke prijs!!!! 40.000 Amerikanen, Canadezen, Engelsen, Fransen sneuvelden daar in nog geen twee maanden en ook 60.000 Duitsers. Eigen schuld zou je kunnen zeggen, zij zijn begonnen! Maar ach, ook zij werden gestuurd en moesten, anders kregen zij bij voorbaat al een kogel.
Vele begraafplaatsen met duizenden kruizen. Met respect wordt alles verzorgd en schoongehouden, ook de graven van de Duitsers. We ontmoeten een Duitse man die vertelde dat hij twee gesneuvelde familieleden op de Duitse begraafplaats had gevonden en was ontroerd en verbaasd over al het geweld dat had plaatsgevonden, de waanzin.
Veel Engelsen en Amerikanen zie je ook teruggaan naar waar zij of familieleden hadden gevochten en overleefd of juist niet en dan bezochten zij een graf.
Hoofdstraat van Arromanches
Het stadje Arromanches heeft een mooi museum waar Henk uren heeft gedwaald. Het hele stadje is haast een museum.
In zee delen van de kunstmatige haven
Overal staan tanks en ander oorlogstuig. Normandié wil de geschiedenis "levend" houden, want over één ding is men het eens… dit NOOIT meer. Laten we het hopen.
.jpg)
In het dorpje Ste Marie Eglese kwamen Amerikaanse parachutisten neer. De Duitsers schoten op hen. Een parachutist bleef met zijn parachute aan de torenspits van de kerk hangen. Hulpeloos hing hij daar en keek neer op de gevechten. Hij hield zich dood in de hoop dat er niet op hem geschoten zou worden. Dit lukte inderdaad, alleen luidde men op een gegeven moment de klokken en vanaf dat moment was hij stokdoof. Zijn trommelvliezen scheurden.
Later is hij nog een keer terug geweest in het dorp. Nog altijd hangt aan de toren een parachute, maar nu met een pop er aan.
Genoeg over de oorlog gezien gingen wij verder naar Cap la Hague, het uiterste puntje van Normandië. Het laatste stuk is de weg smal en moet je te voet afleggen. Het stormde een beetje, maar nu kon je goed zien hoe ruw daar de natuur is. Grote rotsen in de oceaan waar de golven tegenaan beuken. Tegelijkertijd bloeien er erg veel bloemen. Met harde storm of heel mooi weer zal het er zeker heel mooi zijn.
Langs de zuidkust van Normandië gingen we terug via de kleine weggetjes die vlak langs de zee liepen. Schitterend. Groene bergen vol bloemen eindigden zo in de zee. Werkelijk, als er elfen zouden bestaan, zouden ze hier wonen. Sprookjesachtig mooi zijn die baaien.
's Nachts sliepen we op mooie camperplekken. Bij Bricqubec is de camperplek gratis, alleen elektriciteit moet je betalen natuurlijk en er is maar voor twee campers plek aan de elektriciteitspaal. Ach, dan doe je het toch zonder elektriciteit! Het is een plek in de natuur met een klein meertje waar je fijn kunt wandelen.
Bij Pieux mag je bij een boerin staan. Elektriciteit en alle faciliteiten zijn aanwezig en je betaalt 7 euro. Het was ook een mooie plek met veel groen. "s Nachts hoorde je de uilen. Ja, Normandië is de moeite waard.
