Regelmatig hoor ik mensen klagen over de Kauwtjes en de Eksters. Dan zeggen ze: 'We zien helemaal geen kleine vogeltjes meer, dat komt door die grote vogels, die eten ze op.' En dan ga ik weer in de verdediging voor die kauwtjes en eksters, want het is niet waar. Ik durf het haast niet te zeggen, zal het dus fluisteren, maar…HET IS DE SCHULD VAN DE MENS!!!!
Veel kleine vogeltjes zitten graag in struiken en heggen. Wilt u even de hand op steken wie nog een heg heeft? Of struiken? OK, aarde dan met wat plantjes? Een Heggenmus is nou eenmaal geen HeKKenmus. Hij haalt zijn neus op voor schuttingen. Hij kan zich niet tussen de planken wurmen om er bijvoorbeeld een nestje te maken. Een heggen-mus eet veel insecten, scharrelt graag door een tuin op zoek naar spinnetjes en andere insecten en dan wil hij geregeld even in een struik springen. De Huismus wil allebei, zaadjes eten, maar ook wat insecten en de Ringmus is een echte vegetariër. Die eet het liefst het zaad van de Brandnetel, maar andere zaadjes eet hij ook wel. Maar alle drie willen ze heggen, struiken en planten.
.jpg)


Dus als wij onze tuinen van steen en hout maken, wat moeten deze kleine vriendjes dan anders doen dan wegblijven? Vogels moeten nou eenmaal eten, veel eten. Zo is het ook met de Groenling, Koolmees, Pimpelmees, Puttertje en nog veel meer van die kleine vogeltjes, zij voelen zich niet meer thuis in de tuinen van tegenwoordig.
.jpg)



Dakpannen zijn zo gemaakt dat er geen nestje meer onder kan. Zwaluwen kunnen geen nestjes meer bouwen onder de meeste dakgoten. Struiken mogen vooral niet te groot worden, als ze er al zijn, en bomen…wie heeft er nou nog een boom in de tuin? Stel je voor, bloesems die uitvallen en in het najaar blad. Kan echt niet hoor.

En zo hebben de kleine vogeltjes besloten te emigreren naar het beetje bos wat er nog is, de parken of de enkele tuin die nog een echte tuin is.
De Eksters en Kauwtjes, die wonen in bomen en ze laten de beschuldigingen maar langs hun veren glijden. Ze zijn slim die vogels. Ze weten te overleven in de steden. Ze scharrelen hun kostje bij elkaar. Ze eten alles wat maar eetbaar is. Ondanks dat mensen eigenlijk hondendrollen moeten opruimen, zijn de kraaiachtige vogels dankbaar dat het niet gebeurd en zoeken ze daar zelfs restjes onverteerd voedsel uit.


Zo, nu hoop ik maar dat het wrede sprookje, dat de grote vogels de kleintjes opeten, uit de wereld is geholpen. Want al halen de meeste kauwtjes hun schouders op voor al die beschuldigingen, er waren toch een paar gevoelige bij mij in de tuin en vroegen om hier over te schrijven. Ze gaan er onder gebukt.
Het bewijs dat de grote vogels de kleintjes met rust laten hebben wij in de tuin. Nu in de winter, als het toch wat moeilijker is om eten te vinden, zitten de grote en kleine vogeltjes gebroederlijk op één pindaslinger. Wel hebben we op verschillende plekjes wat vetbollen en vogelhuisjes gehangen zodat ze ook een beetje afstand kunnen houden en niet elkaars gesmek hoeven te horen.
